zaterdag 13 mei 2017

Vertaling Amar pelos dois - Portugal op het Eurovisie Songfestival 2017

Een lied dat opvalt tijdens het Eurovisie Songfestival is dat van Portugal. Vaak zeg of schrijf ik 'nummer', maar dit is echt een lied, een liedje! De zachte stem en de articulatie van de Portugese klanken zijn zo prachtig in dit kleinkunstachtige werkje te horen. Echt puur! Het gaat om Amar pelos dois van Salvador Sobral. Een Portugees nummer dus, tussen al die Engelse. Heel mooi, maar wat zingt hij eigenlijk? Hier een Nederlandse vertaling van de Portugese lyrics.

Amar pelos dois - Salvador Sobral

Se um dia alguém perguntar por mim 
Diz que vivi p’ra te amar 
Antes de ti, só existi 
Cansado e sem nada p’ra dar 

Als op een dag iemand naar me vraagt 
Zeg dan dat ik leefde om jou te beminnen 
Voordat jij kwam, bestond ik alleen maar 
Ik was moe en had niets te bieden

zondag 30 april 2017

Gekookte melk of gekookte rijst?

We aten rijst met krenten. 'We' is datzelfde gezin waarin fioemp, de naam van dit weblog is ontstaan. Rijst met krenten is een gerecht voor luie dagen, of dagen waarop er bijna niemand van ons zeskoppige gezin thuis eet. Wat houdt het in? Heel simpel. In melk gekookte dessertrijst met krenten erdoorheen en lekkerbekjes erbij. Over die rijst mag je naar eigen believen roomboter, bruine basterdsuiker en/of kaneel strooien. Lekker! Net een toetje. Dat aten we dus, toen mijn broer ineens zei: "in de rijst gekookte melk".

BAM! Wereld op z'n kop! (De mijne dan.) Want ja, normaal zeg je altijd 'in de melk gekookte rijst', maar dat klopt eigenlijk helemaal niet, want wat kookt er nou eigenlijk? Die melk! Dus je kunt niet zeggen 'gekookte rijst'. Mijn moeder zei van wel: "jewel, hoor!" Maar toen ik haar vroeg het uit te leggen, kwam ze er ook niet uit. 'Rijst in gekookte melk' zou dan nog de enige duidelijke benaming zijn die klopt. Huh?! Wat gebeurt hier? Wat doen wij altijd fout? Of raar?


zondag 26 maart 2017

De tot ziens-fout

Vijf dagen heb ik hem geholpen met z'n wiskunde. Hij heeft de hele Lenteschool lang opgaven gemaakt, samenvattingen gemaakt en geleerd en gedurende die tijd heb ik zijn werk gecontroleerd en zijn vragen beantwoord. Nu had hij zijn eindtoets af en liep hij langs de nog pennende klasgenoten naar mijn bureau, legde zijn toets neer en gaf me een hand. "Bedankt voor de begeleiding!" zei hij en voordat hij de deur achter zich dicht deed: "Tot ziens!" Ik wist wat hij bedoelde.

De Lenteschool was klaar. Hij wist dondersgoed dat we elkaar nooit meer zouden zien. Waarom zei hij dan toch "tot ziens"? Ik zie twee mogelijkheden.

1. De persoon die me nooit meer ging zien zei "tot ziens" omdat hij dat beleefd vond. De uiting dient zo niet alleen als redelijk betekenisloze afscheidsgroet, als je laatste brokje taal dat laat weten dat dit het eind is en dat je weggaat, maar ook als een al-dan-niet-gemeende wens om elkaar weer te zien. Dat laatste is beleefd, want je wilt iemand anders natuurlijk alleen nog een keer zien als je diegene mag. En iemand mogen (of doen alsof je iemand mag) is beleefd. Zou kunnen, maar zou dit allemaal in het hoofd van de groeter omgaan bij het verlaten van het lokaal, de ongeduldige middagzon tegemoet?

woensdag 23 november 2016

Bruidsmeisje op de universiteit

Toen ik aan mensen vertelde dat ik paranimf zou zijn bij een universitaire promotie, keken ze nog net iets minder niet-begrijpend dan ik toen ik het woord voor het eerst hoorde. "Paranimf? Wat mag dat wel niet zijn?" Het klinkt als iets eigenaardig sprookjesachtigs. Eigenlijk betekent het 'gewoon' bruidsjonker of bruidsmeisje. In Nederland wordt een promotie namelijk gezien als een huwelijk tussen de promovendus en de universiteit.

dinsdag 11 oktober 2016

Recensie Kinderboekenweekgeschenk: Oorlog en vriendschap - Dolf Verroen

Op de vraag "Oorlog en vr?" zou je antwoorden: "ede!" maar dit kinderboekenweekgeschenk zegt: "iendschap!" Want wat is vrede? Kan een kinderboek over de oorlog ook over vrede gaan? Nee, dit boek gaat echt over oorlog, de Tweede Wereldoorlog, leven in de Tweede Wereldoorlog. En in elk leven maakt men zoiets als vriendschap mee. Zo ook in dit verhaal.

Opa vertelt, zo lijkt het. Opa is elf jaar oud. Hij heet Joop. Hij gaat naar school en ook niet. Hij maakt vrienden. Hij krijgt geheimen waarover hij moet zwijgen. Hij ontdekt dat er in de oorlog goede en slechte mensen zijn. Hij ziet oneerlijke dingen gebeuren. De oorlog is zo oneerlijk! Dat vindt Pollie, de onderduiker, ook.
'Als we bevrijd zijn,' zei Pollie, 'fiets ik met een bom in mijn fietstas naar Duitsland en blaas ik heel Duitsland op.' 
Ik moest lachen. 
Pollie niet. 

donderdag 6 oktober 2016

Excuses voor kinderboeken


Nee, ik vind niet dat je alles wat je wilt ook echt moet doen, maar een kinderboek laten liggen omdat je je er te oud voor vindt – ondanks dat je er helemaal ondersteboven van bent - is toch eigenlijk misschien wel gewoon laf.
  

zaterdag 10 september 2016

Recensie: De kleurloze Tsukuru Tazaki en zijn pelgrimsjaren - Haruki Murakami

De Japanse Tsukuru is kleurloos, want hij heeft in tegenstelling tot zijn middelbare schoolvrienden geen kleur in zijn naam. Tsukuru betekent 'maker' en Tazaki, zijn familienaam, betekent 'veelpunt'. Saai. Zijn vrienden krijgen de bijnamen 'de Blauwe', 'de Rooie', 'Witje' en 'Zwartje'. Ondanks de kleurloze Tsukuru is het vijftal een hechte vriendengroep. Er hangt een harmonie in de groep, zo perfect als je misschien nog nooit hebt meegemaakt. Maar opeens willen de kleuren Tsukuru niet meer zien.

Ze zeggen niet waarom. Tsukuru begrijpt er helemaal niets van. In zijn studententijd verkeert hij een halfjaar lang in een zwaar depressieve staat waarin hij bijna dood gaat. Uit eindelijk komt hij er weer bovenop. Toch houdt het hem zestien jaar later nog steeds in z'n greep als hij datet met een vijf jaar oudere vrouw, Sala. Zij wil niet dat hij ermee blijft zitten. Ze gebiedt hem op onderzoek uit te gaan. "Ik googel ze wel even en dan ga jij ze opzoeken!"

dinsdag 6 september 2016

Spelling als medicijn tegen taalverandering?

Bedankjes voor de deelnemende kinderen
In veel gebieden van het Nederlands gaat de z steeds meer als de s klinken en de v als de f. “Ik heb de son sien sakken in de see”, is een stereotype uiting van een Amsterdammer. Het verschil tussen de s en z en tussen de f en de v is wel eens groter geweest. In het zuiden van het land is dat verschil nog het meest aanwezig. Daar vind je ook nog een onderscheid tussen de (geschreven) ch en g. In Zuid-Holland, waar ik woon, is er zo goed als geen verschil meer tussen die klanken. Maar je schrijft ze dus nog wel anders! Over deze klankverandering wilde ik meer te weten komen. Sterker nog: hier wilde ik het scriptieonderzoek voor mijn master Taalwetenschappen over gaan doen.

Ik ging op onderzoek uit om te weten te komen hoe Zuid-Hollandse kinderen deze wrijfklanken precies aanleren. Hierbij wilde ik antwoord op de volgende vragen. Maken de kinderen überhaupt wel een onderscheid tussen de korte variant (v, z, g) en de lange variant (f, s, ch)? Zo ja, op welke leeftijden doen ze dat? En speelt de klankomgeving eigenlijk nog een rol?

maandag 25 juli 2016

Bergwandelaars groeten in Oostenrijk

De Alpen zijn een mooie vakantiebestemming. Voor Nederlanders en veel Duitsers zijn échte bergen vreemd, dus zoeken ze ze op in de zomer. Avonturen kun je er beleven, wandelen door de natuur, water drinken uit bergstroompjes, koeien aaien, in eeuwige sneeuw happen, hoog in de bergen over rotsen glijden, plekken doorkruisen waar nooit iemand eerder lijkt te zijn geweest. Tijdens die bergwandelingen kom je af en toe eens andere wandelaars tegen. Hé, uniek! Net zo iemand als jij. Na een lange tijd niemand te hebben gezien! Die begroet je. Maar hoe?

vrijdag 24 juni 2016

Een meisje met een eig ijsje

Na liters regen liep ik gistermiddag in de plotselinge zon door de Haarlemmerstraat. Ik was natuurlijk niet de enige. Er liep een meisje van een jaar of zes met haar vader mee. De twee liepen langs een ijskraam en het meisje moest gelijk denken aan iets wat ze pas had meegemaakt. Enthousiast vertelde ze erover. Ik ving een flard op:
"Daar mocht je zelf je ijsje maken! Een eig ijsje!"
Een eig ijsje! Bij mij gingen de alarmbellen rinkelen. Wat leuk dat een taallerend kind dat zegt! Ze bedoelde natuurlijk 'een eigen ijsje'. Nooit bij stilgestaan dat het woord 'eigen' heel erg lijkt op een gewoon bijvoeglijk naamwoord als 'hoge' of 'lekkere'. Want zeg nou zelf, spreek je die slot-n van 'eigen' uit? Nee, toch? En normaal gesproken krijgt het bijvoeglijk naamwoord geen ə-uitgang, als het zelfstandig naamwoord onzijdig is, en het voorkomt in een onbepaalde context, dus bijvoorbeeld met 'een' ervoor (Wat een lekker ijsje!) of zonder iets ervoor (Lekker ijsje!).

dinsdag 14 juni 2016

De beleefdheid van de kijker, niet koper


Je loopt op een vrije middag over de markt. Tientallen kraampjes verkopen honderden spullen: kleding, sieraden, lekkernijen, plantjes. Eigenlijk wil je het liefst alles wel bekijken. Dat doe je dus ook. Maar ja, je hóeft niet alles. En je wílt ook niet alles. Je kijkt vooral. Je kijkt.

zondag 1 mei 2016

Een oplossing voor het-verlies

Weet je, ik ben bang om het kwijt te raken. Om hét kwijt te raken, dat lidwoord. Ik maak lidwoordfouten waar het helemaal niet hoeft. Soms twijfel ik over de simpelste woorden: zeg ik de of het been? Als jong-maar-belegen-kaaskop! Help! Hoe komt dit? Wat kunnen we eraan doen?

Eerst even een kort overzicht van de Nederlandse woordgeslachten. Waar vroeger drie geslachten waren, mannelijk, vrouwelijk en onzijdig, zijn er nu nog maar twee: mannelijk/vrouwelijk en onzijdig. Het eerste geslacht gaat met ‘de’ en het tweede met ‘het’. Ook is er een verschil met aanwijzende voornaamwoorden (die, deze, dat, dit) en bijvoeglijke naamwoorden. Vergelijk ‘een groot huis’ met ‘een grote wasmachine’, maar dit verschil steekt pas de kop op na het onbepaalde lidwoord ‘een’. In veel andere situaties zien we niet eens een verschil tussen de geslachten, bijvoorbeeld als er alleen ‘een’ voor het zelfstandig naamwoord staat of als het woord in het meervoud staat. Het is dus helemaal niet gek dat de twee woordgeslachten soms door elkaar gehaald worden.