zaterdag 6 september 2014

Familiolect: De herkomst van fioemp

Veel gezinnen of families zullen het wel hebben: woorden die binnen de familie zijn bedacht en die eigenlijk ook alleen daar worden gebruikt. De termen vallen niet binnen een dialect of sociolect (die zijn te breed) en ook niet binnen een idiolect (te smal). Op internet is men niet eenduidig over de term om zo'n 'lect' aan te duiden. Ik dacht in de eerste instantie aan 'famililect'. Op dit forum werd dat woord ook gebruikt, naast familiolect, domolect en ecolect. Ik zal 'familiolect' gebruiken (mét tussen-o).

Ook ons gezin heeft een familiolect met een eigen woordenschat. We zeggen bijvoorbeeld: 'De piepiep gaat!' als de wekker van de oven piept of als de magnetron klaar is en datzelfde geluid maakt. Nu is dit niet zo heel vergezocht. Een ingewikkelder fenomeen is de fioemp. De juiste spelling is me onbekend, aangezien het alleen wordt gesproken. In IPA is het [fi'jump]. Bij het eerste intypen scheen het me dus erg vreemd en ik vroeg me af of er geen e na de i moest, maar nee. Ik zal uitleggen wat een fioemp is. Vroeger gebruikten mijn broer, zusje en ik het om een omhoog staande pluk haar aan te duiden. Of een stukje haar dat een andere kant op staat. Dit krijg je bijvoorbeeld als je hebt geslapen met nat haar. We noemden het zo, omdat je dat geluid maakt als je met je hand de vorm van die pluk nagaat. Tenminste, zo deden wij dat. Vroeger had ik ook 'fioemphaar', met aan weerszijden van mijn hoofd plukken naar opzij. Ik denk dat dat het allereerste was waarnaar we verwezen met 'fioemp'. Soms komt het een beetje pesterig over als er iemand op z'n fioemp wordt gewezen. Zo'n omhoog staande haarpluk is namelijk altijd onbedoeld en vaak schaam je je er een beetje voor (áls je het al doorhebt). Als je erop aangesproken wordt, is het dus vaak met: 'Ha ha, je hebt een fioemp!' Ach, van je familiolect moet je het maar hebben.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen